19 april 2021

“Met de kennis van nu zouden we het niet anders hebben gedaan” aldus Bertine Lahuis

Een jaar Covid-19. Een bijzonder jaar voor iedereen. Bertine Lahuis staat als voorzitter van het Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) regio Oost alweer ruim een jaar aan de wieg van vele beslissingen die in het ROAZ genomen worden tijdens deze crisis. Ze kijkt vooral positief terug op de regionale samenwerking en ziet kansen voor de toekomst.

 

Hoe kijk je terug op de regionale samenwerking binnen het ROAZ het afgelopen jaar?
“We hebben elkaar natuurlijk veel meer dan ooit gesproken in de ROAZ-regio. Dat kwam omdat alles anders was het afgelopen jaar. Alle bestaande regels die niet helpend waren voor de ontstane situatie golden (even) niet. Zeker in de eerste golf was alles nieuw en onvoorspelbaar. Maar we zijn met elkaar creatief geweest om voor iedereen die in de problemen kwam, oplossingen te bedenken. Dat is niet alleen gelukt binnen de ziekenhuissector, maar tussen alle sectoren in de acute zorg. Ik ben onder de indruk van de solidariteit en creativiteit die we daarbij in onze regio met elkaar hebben laten zien.”

 

Welke ontwikkelingen zag je in die samenwerking?
“Er bestaat soms een spanningsveld tussen het gemeenschappelijke belang van de regio en het belang van de individuele organisaties. Dat is heel begrijpelijk. Tot nu toe zijn we daar goed uitgekomen met elkaar. Afgelopen jaar werd zichtbaarder en voelbaarder hoe belangrijk het is om naar elkaars belangen te kijken. Zo zorgt voldoende ruimte en personeel in de Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg (VVT) voor goede uitstroom uit de ziekenhuizen. En als huisartsen goed kunnen triëren en ambulancemedewerkers weten waar ze patiënten naartoe kunnen brengen, dan helpt dat de toestroom beheersbaarder te maken. Door elkaar beter te kennen en meer contact te hebben is deze wederzijdse afhankelijkheid nog duidelijker geworden. En ook dat we daar tijdig op moeten acteren. Dat is ons goed gelukt.”

 

Wat wil je van het afgelopen jaar meenemen naar de toekomst?
“De solidariteit in de samenwerking. We hebben gezien hoe belangrijk dat is en ik denk dat dat in de toekomst alleen maar belangrijker wordt. Dat is meteen een uitdaging want in de bestaande gezondheidssystemen is niet altijd ruimte voor het gezamenlijk belang. Dus als de crisis voorbij is, focust iedereen zich misschien weer op de eigen processen. Maar wat kunnen we bereiken als we daar bovenuit stijgen? Als we het belang van patiënten en cliënten centraal stellen én daarbij rekening houden met de belangen van de professionals van alle zorgorganisaties. We hebben laten zien dat we dat als ROAZ heel goed kunnen. Laten we dat vasthouden!”

 

Waar maak je je zorgen over?
“Dat we nog niet van het virus af zijn en de enorme druk die daardoor nog steeds bij de medewerkers van alle sectoren ligt. Die druk heeft al veel tol geëist van medewerkers. Maar ondanks de vermoeidheid blijft iedereen leveren, nu de vraag naar Covidzorg nog actueel is. Ik begrijp dat als deze zorgvraag minder wordt, mensen tijd nodig hebben om bij te komen. En tegelijkertijd ligt er dan een andere zorgvraag, namelijk die van de uitgestelde zorg. Voor die patiënten willen we ook zorgen.
Ook maak ik me zorgen over de regio in bredere zin. Hoe langer deze crisis duurt, des te groter is ook het effect van de maatregelen op de economie. En dat heeft uiteindelijk ook een effect op de gezondheid van burgers.”

 

Welke boodschap wil je de regio meegeven?
“Hou vol met elkaar! Laten we de mooie dingen die we met elkaar bereikt hebben het afgelopen jaar meenemen naar de toekomst. Ook als er geen sprake meer is van Covid. Want we hebben ontdekt hoe belangrijk het is als je binnen en tussen sectoren dingen goed met elkaar doet. Daar zou onze zorg op andere fronten nog wel eens veel beter van kunnen worden!”